Posts Tagged ‘tempel’
Lesje bijbelse geschiedenis – 3
Onze voorouders hadden in de woestijn de verbondstent bij zich, gemaakt in opdracht van de engel die met Mozes sprak, naar het ontwerp dat Mozes had gezien. Onze voorouders hadden deze tent bij zich toen ze onder leiding van Jozua het land veroverden van de volken die God voor hen verdreef; dit duurde tot in de tijd van David. David werd door God begunstigd en vroeg om een heiligdom voor het volk van Jakob. Maar het was Salomo die voor God een tempel bouwde. Toch woont de Allerhoogste niet in een huis dat door mensenhanden is gemaakt, zoals de profeet zegt: “De hemel is mijn troon, de aarde mijn voetenbank. Hoe zouden jullie dan een huis voor mij kunnen bouwen – zegt de Heer –, een plaats waar ik kan rusten? Heb ik dit alles niet met eigen handen gemaakt?” Handelingen 7:44-50
Er valt van alles te leren uit deze indrukwekkende preek van Stefanus. Nu valt mij op dat uit alle aangehaalde geschiedenissen vooral blijkt hoe onverbeterlijk eigenwijs, ongehoorzaam en kort van memorie mensen zijn. Van generatie op generatie bleef God trouw, maar zijn volk bleef heilloze wegen kiezen.
Het lijkt erop dat Stefanus de theologische experts van zijn dagen een beschrijving geeft van het tragische landschap dat zij achter zich in de tijd kunnen overzien. Het is het historische slagveld van de menselijke tekortkomingen. Maar wat heeft de tegenwoordige generatie daarvan geleerd? Lees de rest van dit artikel »
Wat is er nog van over?
De gelovigen kwamen eensgezind bijeen in de zuilengang van Salomo, en ofschoon niemand zich daar bij hen durfde te voegen, sprak het volk vol lof over hen. Steeds meer mensen gingen in de Heer geloven, een groot aantal mannen zowel als vrouwen, en ze legden zelfs zieken op draagbedden of matrassen buiten op straat, in de hoop dat toch ten minste de schaduw van Petrus, wanneer hij voorbijkwam, op een van hen zou vallen. Ook vanuit de steden rondom Jeruzalem stroomden de mensen toe; ze brachten zieken mee en mensen die door onreine geesten gekweld werden, en allen werden genezen. (Handelingen 5:12-16)
De zuilengang van Salomo – een deel van het tempelcomplex in Jeruzalem waar Jezus rondliep en in gesprek ging (Johannes 10:23). Dit is de plaats waar ook zijn eerste volgelingen opnieuw samenkomen. Je zou er bijna overheen lezen, maar voor de geestelijke leiders van het joodse volk moet de aanwezigheid en handelswijze van Jezus’ vrienden een regelrechte provocatie geweest zijn. Na alles wat zij Jezus hadden aangedaan, moesten zij opnieuw zien en horen hoe er in naam van Jezus wonderen werden verricht. Lees de rest van dit artikel »
Laat dat duidelijk zijn
Petrus antwoordde, vervuld van de heilige Geest: ‘Leiders van het volk en oudsten, nu wij vandaag worden verhoord omdat we een zieke hebben geholpen, en nu ons wordt gevraagd hoe het komt dat hij is genezen, dient u allen en het hele volk van Israël te weten dat deze man hier gezond voor u staat dankzij de naam van Jezus Christus uit Nazaret, die door u gekruisigd is, maar die door God uit de dood is opgewekt. Jezus is de steen die door u, de bouwlieden, vol verachting is weggeworpen, maar die nu de hoeksteen geworden is. Door niemand anders kunnen wij worden gered, want zijn naam is de enige op aarde die de mens redding biedt.’ Handelingen 4:8-12
Natuurlijk, het kon niet uitblijven. Petrus en Johannes hebben een wonder verricht door een man die al vanaf zijn geboorte verlamd was, in Jezus’ naam op de been te helpen. Reden voor een feest! Maar nee, de leiders, de oudsten en de schriftgeleerden zijn niet blij. Integendeel! Ze dachten net verlost te zijn van die lastige Jezus die hen qua gezag en wonderkracht volledig in de schaduw stelde, en nu wordt hun autoriteit ondergraven door twee van zijn vervelende volgelingen! Lees de rest van dit artikel »
Hoe kostbaar is ons geloof?
Men had ook een man die al sinds zijn geboorte verlamd was naar de tempel gebracht; hij werd daar elke dag neergelegd bij de poort die de Schone heet, om te bedelen bij de bezoekers van de tempel. Toen hij zag dat Petrus en Johannes de tempel wilden binnengaan, vroeg hij om een aalmoes. Petrus richtte zijn blik op hem, evenals Johannes, en zei: ‘Kijk ons aan.’ De bedelaar keek naar hen op, in de verwachting iets van hen te krijgen. Maar Petrus zei: ‘Geld heb ik niet, maar wat ik wel heb, geef ik u: in de naam van Jezus Christus van Nazaret, sta op en loop.’ Handelingen 3:2-6
Je zou er gemakkelijk overheen kunnen lezen, maar als deze man al sinds zijn geboorte verlamd was, en dagelijks bij de Schone poort werd neergelegd om te bedelen, dan heeft hij daar Jezus regelmatig voorbij zien komen. Immers: de Heer was vaak in de tempel te vinden. Als dit zo is, dan is Jezus deze man vaak gepasseerd – zonder hem te genezen… Lees de rest van dit artikel »
Gaat je niets aan
Zij die bijeengekomen waren, vroegen hem: ‘Heer, gaat u dan binnen afzienbare tijd het koningschap over Israël herstellen?’ Hij antwoordde: ‘Het is niet jullie zaak om te weten wat de Vader in zijn macht heeft vastgesteld over de tijd en het ogenblik waarop deze gebeurtenissen zullen plaatsvinden. Handelingen 1:6,7
Handelingen 1 – klaar voor vertrek? Net als onze Meester die hier op het punt staat huiswaarts (= hemelwaarts!) te keren. En net als zijn vroegste navolgers die aarzelend aan de eerste etappe van hun lange weg beginnen. Ze gaan aan de slag met hun handen, vandaar ook de naam van dit boek. Maar hun heilige reis vraagt ook veel volgzaam voetenwerk. Lees de rest van dit artikel »


